Openbaar vervoer

Openbaar vervoer

Het openbaar vervoer is voor veel mensen een belangrijke manier van reizen naar het werk of opleiding, platteland, steden en andere regio’s. Daarom stimuleren Regio Noord-Veluwe (RNV) en haar partners het gebruik hiervan. RNV heeft een coördinerende rol bij de plannen ter verbetering van het openbaar vervoer in de regio.

Toegankelijker, sneller en frequenter OV

Er wordt ingezet op het verbeteren van de kwaliteit en de kwantiteit van het openbaar vervoer. De doelstelling is toegankelijker, sneller en frequenter openbaar vervoer, waardoor meer reizigers er gebruik van maken. RNV is lid van het Ontwikkelteam openbaar vervoer Veluwe. Dit team is opgezet door de provincie Gelderland. RNV signaleert regionale punten en brengt deze in het Ontwikkelteam in.

Provinciale OV-visie: vastnet en flexnet

Om de bereikbaarheid van Gelderland met het openbaar vervoer ook in de toekomst te vergroten kiest de provincie ervoor om niveaus te introduceren waarin steeds de reiziger centraal staat.

  • Het vastnet
    De provincie schetst een toekomst waarin de grote reizigersstromen bediend blijven door snelle en directe bus- en treinverbindingen. De provincie blijft investeren in infrastructuur, menskracht en materieel om dit sneller, betrouwbaarder, duurzamer en comfortabeler te maken. Het vastnet verbindt steden en knooppunten en is gericht op de bereikbaarheid van stedelijke regio’s.
  • Het flexnet
    Daar waar de reizigersstromen afnemen of diffuser worden, zet de provincie samen met de regio in op flexibel vervoer. Flexnet staat voor een net van verschillende vervoersconcepten van marktpartijen en vrijwilligers die reizigers bedienen. Bijvoorbeeld: een net van buurtbus, vrijwilligersvervoer binnen een gemeente, autodeelprojecten, winkelbus, etc. In het flexnet kan integratie plaatsvinden met het gemeentelijke, vraagafhankelijke doelgroepenvervoer. Het OV-vangnet zoals dat nu door de regiotaxi ingevuld wordt maakt daar onderdeel van uit.

Stationsomgevingen: poorten naar de Veluwe

In het Regiocontract Noord-Veluwe 2012-2015 is het project Stationsomgevingen opgenomen. Het project richtte zich primair op de stationsomgevingen van Ermelo, Putten, Harderwijk en Wezep. Het doel was dat deze stationsomgevingen voor 2016 opgewaardeerd zijn tot aantrekkelijke, goed bereikbare op- en overstappunten voor inwoner en bezoeker. Dat is ook gerealiseerd en hierbij is rekening gehouden met de eventuele komst van Randstadspoor en voldoende parkeermogelijkheden voor auto en fiets.

De provincie Gelderland heeft als partner een Ontwikkelagenda Stationsomgevingen opgesteld. Er zijn menskracht en middelen beschikbaar voor activiteiten die bijdragen om een zo integraal mogelijk resultaat te boeken.

RNV zet zich samen met de regiogemeenten in om van de stations op de Noord-Veluwe zogenaamde ‘Poorten naar de Veluwe’ te maken. Naast de mobiliteitsaspecten wordt ook nadrukkelijk gekeken naar de aantrekkelijkheid van de stationsomgevingen in relatie tot toerisme en recreatie. Hiermee kan worden ingespeeld op een trend waarbij de toerist en de recreant minder gebruik maken van de auto, maar meer van de trein. RNV wil deze trend faciliteren door het project Stationsomgevingen.

Het doel ‘Poorten naar de Veluwe’ heeft uiteraard betrekking op alle stations en de relatie met toerisme en recreatie op de Noord-Veluwe. Daarom zijn alle regiogemeenten betrokken. Omdat het station van Harderwijk in zijn totaliteit is verbouwd, is dit station niet in het proces betrokken. De uitkomsten van het project worden uiteraard wel met de gemeente Harderwijk gedeeld.

 

Treinverbinding Amersfoort-Zwolle verbeteren

Naast het verbeteren van de stationsomgevingen, wil RNV samen met de provincie Gelderland en de gemeenten het spoorproduct Amersfoort-Zwolle verbeteren. Er is een grote behoefte en noodzaak voor een snellere en frequentere verbinding tussen de regio Noord-Veluwe en de Randstad.

RNV is daarom nauw betrokken bij de studie voor de spoorcorridor Utrecht-Amersfoort-Harderwijk-Zwolle. Het onderzoek wordt getrokken door de provincies Utrecht en Gelderland. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM), de regio’s en spoorsector zijn nauw betrokken.

Meer informatie

Contactpersoon